Kenmerken

Conditie
Zo goed als nieuw
Onderwerp
Jaar (oorspr.)
1983
Auteur
zie beschrijving

Beschrijving

||boek: Kleine Algemene Muziekleer|Tevens inleiding id Solfège, Handboek voor beginners over Muziek en Muzikaliteit|PRISMA kennis [2054]

||door: Prisma, Theo Willemze

||taal: nl
||jaar: 1983
||druk: 1e druk
||pag.: 192p
||opm.: pocket|zo goed als nieuw

||isbn: 90-274-1190-5
||code: 1:001142

--- Over het boek (foto 1): Kleine Algemene Muziekleer ---



Een handzaam en zeer informatief overzichtswerk, waarin alle onderwerpen van de algemene muziektheorie systematisch aan de orde komen: maat en ritme; melodie- en akkoordenleer; tonaliteit, toonladders en toonsystemen; muziekinstrumenten; enz. In maar liefst 25 (!) aanhangsels bespreekt de auteur (oud-docent theoretische vakken aan het Twents Conservatorium) bepaalde praktische onderdelen van de muziektheorie (zoals het berekenen en determineren van intervallen en akkoorden) en geeft hij overzichten van muziektermen, orgelregisters en -disposities, muzieknotatie-tekens, enz. Sinds vele decennia is dit naslagwerk een belangrijke informatiebron voor muziekstudent en amateurmusicus. Met overzichtelijke schema's en zeer veel muziekvoorbeelden. Kleine, ouderwetse letter. Met register in zeer kleine druk.

[bron: nbd biblion]

Deze Algemene muziekleer heeft haar waarde als inleiding tot de muziektheorie reeds ruimschoots bewezen. Het boek is sinds de eerste druk in 1964 steeds aangevuld, uitgebreid en herzien - zo ontstond het huidige veelomvattende, alom geprezen handboek.

De verschillende delen van Algemene muziekleer maken duidelijk dat vrijwel alle aspecten van de muziektheorie worden belicht: na algemene beschouwingen volgen hoofdstukken over maat, ritme, toon, toonsysteem en notatie, intervallen, toonladders en toonsoorten, melodie, akkoorden en muziekinstrumenten. Het boek wordt besloten met een serie aanhangsels met veel feitelijke gegevens en een uitvoerig register.

Algemene muziekleer is een betrouwbare gids en een overzichtelijk ingedeeld naslagwerk voor iedereen, student of amateur, die de muziektheorie bestudeert.

[bron: https--www.bol.com]

Complex en veelomvattend. Naslagwerk, geschikt voor de student aan een conservatorium of universiteit, of voor de gevorderde amateur.

[bron: https--composer.rowy.net/Muziekliteratuur.html]

Hoeveel lessen voor een beginner? [2007-04-04]

"Ik blijf speuren" :)

Zoals dus eerder beloofd:

Ik heb nog even wat speurwerk verricht aangaande de vraag waar er die halve toonsafstanden zitten op de 3-4 en de 7-8 posities (de kleine secundes). In het boekwerk van Theo Willemze "Algemene Muziekleer" kom ik in pag.280 en verder, onderstaande uitspraak tegen: "de verovering van het onbezette toongebied". Daarmee wordt bedoeld de ruimte tussen de grote secunde.

Die verovering geschiedde - aldus Theo Willemze - in de periode van 1000 tot 1400. Het eerst raakte 'bezet' de toon tussen de a en de b. En nu komt het: "de toon die daar in kwam voelde men, beschouwde men, hoorde men, waardeerde men (en wás ook!) als een toon die van de (een halve toon hoger gelegen) b was afgeleid. Men noemde deze toon de b mollum (zachte b), in tegenstelling tot de oorspronkelijke b, die men de harde b noemde (b durum)."

En dan in pag.282 staat te lezen:

"naar analogie van deze toonafleiding ontstonden naderhand andere, nieuwere: naast de e bijvoorbeeld ontstond door afleiding een verlaagde e, die ook het toongebied tussen de d en de e bezette. Men leerde ook door verhoging tonen af te leiden, zó dat de nieuwgevonden tonen nog onbezette plaatsen konden vullen: uit de toon f leidde men een verhoogde f af die het gebied tussen f en g kon bezetten."

Met andere woorden: de kleine secunde heeft zich in de loop der tijden gevoelsmatig ontwikkeld! Is dus niet mathematisch afgeleid! Misschien wel achteraf af te leiden?

Auteur: Theo Willemze
Titel: Algemene Muziekleer
Uitgave: twaalfde verbeterde druk 1993 (AULA reeks)
Uitgever: Uitgeverij Het Spectrum B.V.
ISBN: 90 274 1817 9

Mogelijk dat iemand hier weer mee verder kan? Ik heb er in ieder geval weer wat bijgeleerd!

Oosterhof Vioolbouw [bron: https--strijkersforum.nl/threads/hoeveel-lessen-voor-een-beginner.365/page-5]

Bijna alles over gehoor en geluid - "Algemene Muziekleer" van Th. Willemze is dertig jaar oud [1994-05-06]

In 1964 bracht de Utrechtse uitgeverij Het Spectrum een pocket op de markt, 256 pagina's dik. Dertig jaar later heeft die pocket zijn twaalfde druk achter de rug, is hij uitgedijd tot maar liefst 548 pagina's en wordt hij nog steeds niet uit de roulatie genomen. Waarom dit boek het zo lang uithoudt? Omdat er alles (nou ja, bijna alles) in staat wat er te weten valt over tijd en cadans, maat en ritme, over gehoor en geluid, toonladders en tonaliteit, over melodieën en akkoorden, stemmen en instrumenten.

Want dat geeft de "Algemene Muziekleer" van Theo Willemze: uitgebreide informatie. Je vindt er niet alleen vele paragrafen met "eenvoudige elementaire muziekleer", maar ook paragrafen met een of met twee sterretjes, die deze informatie in de breedte en in de diepte uitwerken. Optimistisch schreef Willemze bij de zevende druk (1979) dat er weliswaar veel, maar nog lang niet alles in zijn boek verwerkt was. Latere drukken werden dan ook, behalve van voorbeelden van interval-, toonladder- en akkoordberekeningen, voorzien van overzichten van de omvang van stemmen en muziekinstrumenten, orkesttypen, orgelregisters, gregoriaanse neumen en tabulatuurschrift, gitaargrepen en klavarskribo, akkoordsymbolen uit de populaire en notatievormen uit de moderne muziek, en lijsten met afkortingen, met spreekklanken en met muziektermen in verschillende talen.

Tellen

Wat er in ieder geval steeds in het boek heeft gezeten, was zinvolle informatie over tijd en cadans, metrum en ritme. Het zijn volgens Willemze "de pijlers waarop het gebouw der muziek is opgetrokken". En terecht. Een musicus kan nog zo mooi zingen of spelen, als hij niet op z n tellen let, komt hij niet over oij het publiek. (Met name orgelmuziek zou volgens mij een stuk aantrekkelijker kunnen worden wanneer organisten hiermee rekening gingen houden).

Willemze geeft hier zinvolle informatie. Bijvoorbeeld over het verschil tussen een 3/4- en een 6/8-maat; over de betekenis van een stip achter een noot (verlenging of driedeling). Over het tellen van polyritmische figuren (2 tegen 3); of over de accentverdeling in een 5/4- en in een 7/8-maat.

Aardig is het boek als het vertelt waarom zangers en violisten doorgaans in reine en pianisten meestal in pythagoreïsche stemmingen musiceren. Of waarom slagwerkers minder gewetensvol met de lengtes van rusten hoeven om te gaan dan blazers en organisten. Waarom we onze stem vervormd vernemen; of waarom een kwart doorgaans als dissonant overkomt (dissonantie boventonen).

Toonladders

Maar het beste is het boek waar Willemze fijnzinnige onderscheidingen aanbrengt. Bijvoorbeeld tussen klankkleur en klankkarakter, kunst-, religieuze, magische, gebruiks-, illustratieve en amusementsmuziek. Of tussen maatslaan en dirigeren, polymetriek en polyritmiek, hemiool en imbroglio. Tussen de aeolische toonladder en die van melodisch en harmonisch kleine terts, chromatische en diatonische halvetoonsafstanden, aan- en afspringende en vrije wisselnoten, of tussen een plagaal, een authentiek en een bedriegelijk slot.

Zelfs vinden we beschrijvingen van 128e rusten, iono-frygische toonladders, het verloop van een 7/16-ritme in een 3/4-maat, een dubbelverminderd kleinseptiemakkoord, ekmelische en emmelische boventonen en van de grote en kleine diesis.

Dat er zo veel algemene informatie in dit boek te vinden is, is niet alleen het sterke van deze uitgave, tegelijk ook het zwakke. Want als vakman vind je er informatie over dingen die je allang beheerst ("Hoe klinkt een hardverminderd septiemakkoord?"), of die zo theoretisch is (intervalberekeningen in cents) of zo onhandig (solmisatie door middel van handstanden) dat je er in de praktijk nauwelijks iets aan hebt. Of je treft algemene informatie aan over zaken die zo ingewikkeld zijn (versieringen in de barok bijvoorbeeld), dat je veel meer gebaat bent bij een speciaalstudie over zo'n onderwerp.

Opsteker

Als amateur daarentegen heb je grote kans om tussen de vele sterretjes uit dit boek te verdwalen in een ruimte van louter theorie. Te meer omdat Willemze zijn muziekvoorbeelden bijna allemaal zelf heeft verzonnen en vrijwel nooit aan bestaande composities ontleent. Terwijl een Algemene Muziekleer toch ook volgens Willemze behoort te zijn: een ordening, een systematisering van de "levende klank". Wat dat betreft zijn de Algemene Muziekleren van Lürsen en Dresden een stuk aardiger opgezet en beter samengesteld.

Maar aan de toegewijde student of muziekdocent die wil dat de puntjes niet alleen óp, maar ook op de juiste plaats achter en onder de noten blijven staan, geeft dit boek een schat aan opstekers. Om je te dienen: in de praktijk.

N.a.v. "Algemene Muziekleer", door Theo Willemze; twaalfde, verbeterde druk; Spectrum, Utrecht, 1993; prijs 44,90 gulden.

[bron: https--www.digibron.nl/viewer/collectie/Digibron/id/tag:RD.nl,19940506:newsml_45907cce9188472e3654332e53c8eeb1]

--- Over (foto 2): Prisma ---

De Aula-reeks is een populair-wetenschappelijke boekenreeks die in 1957 werd gestart door Uitgeverij Het Spectrum in Utrecht als wetenschappelijkere versie van de Prisma Pockets naar het voorbeeld van de Engelse Pelican Books. De reeks omvatte ruim 700 pockets over mens- en natuurwetenschappen, kunst en filosofie.

Het betreft de volgende uitgaven:

...

[bron: wikipedia]

--- Over (foto 3): Theo Willemze ---

Theo Willemze (Amsterdam, 18 februari 1931) is een Nederlandse componist, pedagoog en publicist

Willemze studeerde onder andere aan het conservatorium van Amsterdam bij Leon Orthel en Hennie Schouten. Tot 1963 was hij docent aan het conservatorium te Utrecht. Daarna doceerde hij tot zijn pensionering theoretische vakken en solfège aan het conservatorium van Enschede. Willemze is vooral bekend door een aantal standaardwerken op het gebied van muziektheorie:

  • Muziekinstrumenten
  • Het muzikaal gehoor, vorming en ontwikkeling
  • Prisma praktisch muziekboek - ISBN 90-274-0760-6
  • Algemene muziekleer - ISBN 90-274-1817-9
  • Muzieklexicon - ISBN 90-274-4733-0
  • Componistenlexicon - ISBN 90-274-8975-0 & ISBN 90-274-8976-9

Ook publiceerde Willemze jarenlang over uiteenlopende muziektheoretische en praktische onderwerpen in diverse vakbladen.

[bron: wikipedia]
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
...
Nieuwpoort+Deel Westende
205x bekeken
0x bewaard
Sinds 9 dec '24
Zoekertjesnummer: m2210883527