Loopgravenoorlog 1914-1918 Tardi€ 38,00
Kenmerken
ConditieGelezen
Beschrijving
Als columnist in De Morgen werd Bernard Dewulf graag gelezen. Veel van zijn stukken die om de andere dag op de voorpagina van de krant verschenen, afgewisseld met Hugo Camps, waren goed genoeg om te bundelen in Loerhoek (2006). Na zijn veelbesproken ontslag in 2009 ging hij aan de slag bij De Standaard, waar hij nu elke week een column schrijft in het weekblad. Eerder was Dewulf al gedebuteerd als dichter met Waar de egel gaat (1995), goed voor de Debuutprijs en de ASLK-prijs voor het literair debuut, en hij bevestigde zijn dichterstalent met de fenomenale bundel Blauwziek (2006). Dit jaar valt hem overigens de eer te beurt Stadsdichter van Antwerpen te mogen zijn. Geen benoeming in het ijle, want Dewulf lijkt niet meer weg te denken uit het letterenlandschap. Met zijn impressionistisch getinte Kleine dagen (2009) won hij de Libris Literatuurprijs en recent schreef hij met Een lolita een euforisch ontvangen theatertekst voor NTGent. En nu is er dus ook Verstrooiingen, op het eerste gezicht opnieuw een reeks beschouwingen over kunstenaars en hun werk, zoals eerder in Bijlichtingen (2001) en Naderingen (2007).
Voorafgegaan door een proloog, bestaat Verstrooiingen uit vier delen. Grof gesteld handelen de eerste twee over kunst en zijn de laatste twee, samen ongeveer een derde van het boek, van meer persoonlijke aard. De ondertitel van het boek “over kijken en zien” is de gemeenschappelijk noemer. Zelf schrijft Dewulf: “Zien is doel, kijken middel. Kijken is de houding, zien het resultaat. Zien is het verhaal, kijken het schrijven.” In deze laatste zin schuilt een methode om met de werkelijkheid en kunst om te gaan: door een observatie in woorden te proberen vangen, openbaart ze een stuk van haar betekenis. Zeker als dat vangen, zoals bij Dewulf, het oproepen van heel wat vragen impliceert. Op die manier krijgt elk stuk tegelijk iets quasi essayistisch en filosofisch. Daarom mag een boek als Verstrooiingen nooit gecatalogeerd worden als leesvoer voor kunstliefhebbers. En dan hebben we het nog niet gehad over de literaire kwaliteiten.
Als Bernard Dewulf schrijft over kunst dan wil hij geen “blinde” teksten schrijven vol jargon. Zijn reflecties zijn het resultaat van een onbevangen “zien”, vol menselijkheid en dus heel zinnelijk. Hoewel erudiet, vervalt hij nooit in academisme, wat aan toegankelijkheid doet winnen. Dat heeft ook te maken met een heldere stijl en een economie van middelen. In vaak korte alinea’s schuwt Dewulf de breedsprakigheid en leidt ons soepel door redeneringen. Soms stelt hij alleen de vragen. Spitse, intelligente vragen die ons bij de les houden. Want ondertussen is Dewulf zijn liefde aan het bezingen voor schilders als Hopper, Richter of Freud, naast artiesten van eigen bodem. Zijn eerbied voor het werk maakt op z’n minst een groot enthousiasme wakker bij de lezer. Dat er ook afbeeldingen zijn opgenomen in het boek was niet nodig geweest. Het is in tijden van Google images hoogstens een extra motivator om zelf verder te zoeken, want na de inspirerende tekst van Dewulf zal niemand genoegen nemen met de in zwart-wit afgedrukte werken.
Het zinnelijke in de blik van Bernard Dewulf komt uit verschillende hoeken van Verstrooiingen naar voor. Soms komt het in de vorm van een woordprobleem, zoals in “Boezemkloof”, dan weer uit een essayistisch stuk over intimiteit in de foto’s van Heggre, of in een beschouwing over “Liefde en lust”, maar deze keer ook met een erotisch verhaal “Pense à moi”. Het dient gezegd dat Dewulf dit sensuele register perfect beheerst. Zo ook dat van het persoonlijke. Zoals in zijn poëtische miniaturen, gedestilleerd uit het dagelijks leven met zijn gezin in Kleine dagen, laat hij in het laatste derde van Verstrooiingen zijn verwonderende blik opnieuw door zijn eigen leven gaan. Met grote gevoeligheid en een evenwichtige zin voor melancholie schrijft hij twee reeksen dagboekfragmenten, ontstaan aan de beide uiteinden van het jaar 2010. Gevolgd door enkele korte afzonderlijke stukken waarin onder andere het gezin opnieuw figureert, vormen deze het emotionele zwaartepunt van het boek. De kwetsbaarheid hierin en de zo intelligent aanwezige existentiële lading maken dit werk tot fenomenale literatuur.
Verstrooiingen bevat dus heel veel van Bernard Dewulf: zijn blik op de kunstwereld, de werken en de persoonlijkheden, zijn taalgevoeligheid en preoccupatie met het juiste woord, zijn beschrijving van onze allermenselijkste gevoelens. Dit boek lezen is veel bijleren en tegelijk vormt het een oproep om zelf steeds opnieuw de verwondering en toewijding op te zoeken. Op die manier vormen schrijvers als Bernard Dewulf een baken in onze leefwereld.
221 pagina's. Boek in uitstekende staat. Paperback.
ISBN 978 90 254 3943 9 Atlas Contact Amsterdam/Antwerpen 2012
Verzending met bpost vanaf 4,70 euro
Ophaling in regio Antwerpen
Voorafgegaan door een proloog, bestaat Verstrooiingen uit vier delen. Grof gesteld handelen de eerste twee over kunst en zijn de laatste twee, samen ongeveer een derde van het boek, van meer persoonlijke aard. De ondertitel van het boek “over kijken en zien” is de gemeenschappelijk noemer. Zelf schrijft Dewulf: “Zien is doel, kijken middel. Kijken is de houding, zien het resultaat. Zien is het verhaal, kijken het schrijven.” In deze laatste zin schuilt een methode om met de werkelijkheid en kunst om te gaan: door een observatie in woorden te proberen vangen, openbaart ze een stuk van haar betekenis. Zeker als dat vangen, zoals bij Dewulf, het oproepen van heel wat vragen impliceert. Op die manier krijgt elk stuk tegelijk iets quasi essayistisch en filosofisch. Daarom mag een boek als Verstrooiingen nooit gecatalogeerd worden als leesvoer voor kunstliefhebbers. En dan hebben we het nog niet gehad over de literaire kwaliteiten.
Als Bernard Dewulf schrijft over kunst dan wil hij geen “blinde” teksten schrijven vol jargon. Zijn reflecties zijn het resultaat van een onbevangen “zien”, vol menselijkheid en dus heel zinnelijk. Hoewel erudiet, vervalt hij nooit in academisme, wat aan toegankelijkheid doet winnen. Dat heeft ook te maken met een heldere stijl en een economie van middelen. In vaak korte alinea’s schuwt Dewulf de breedsprakigheid en leidt ons soepel door redeneringen. Soms stelt hij alleen de vragen. Spitse, intelligente vragen die ons bij de les houden. Want ondertussen is Dewulf zijn liefde aan het bezingen voor schilders als Hopper, Richter of Freud, naast artiesten van eigen bodem. Zijn eerbied voor het werk maakt op z’n minst een groot enthousiasme wakker bij de lezer. Dat er ook afbeeldingen zijn opgenomen in het boek was niet nodig geweest. Het is in tijden van Google images hoogstens een extra motivator om zelf verder te zoeken, want na de inspirerende tekst van Dewulf zal niemand genoegen nemen met de in zwart-wit afgedrukte werken.
Het zinnelijke in de blik van Bernard Dewulf komt uit verschillende hoeken van Verstrooiingen naar voor. Soms komt het in de vorm van een woordprobleem, zoals in “Boezemkloof”, dan weer uit een essayistisch stuk over intimiteit in de foto’s van Heggre, of in een beschouwing over “Liefde en lust”, maar deze keer ook met een erotisch verhaal “Pense à moi”. Het dient gezegd dat Dewulf dit sensuele register perfect beheerst. Zo ook dat van het persoonlijke. Zoals in zijn poëtische miniaturen, gedestilleerd uit het dagelijks leven met zijn gezin in Kleine dagen, laat hij in het laatste derde van Verstrooiingen zijn verwonderende blik opnieuw door zijn eigen leven gaan. Met grote gevoeligheid en een evenwichtige zin voor melancholie schrijft hij twee reeksen dagboekfragmenten, ontstaan aan de beide uiteinden van het jaar 2010. Gevolgd door enkele korte afzonderlijke stukken waarin onder andere het gezin opnieuw figureert, vormen deze het emotionele zwaartepunt van het boek. De kwetsbaarheid hierin en de zo intelligent aanwezige existentiële lading maken dit werk tot fenomenale literatuur.
Verstrooiingen bevat dus heel veel van Bernard Dewulf: zijn blik op de kunstwereld, de werken en de persoonlijkheden, zijn taalgevoeligheid en preoccupatie met het juiste woord, zijn beschrijving van onze allermenselijkste gevoelens. Dit boek lezen is veel bijleren en tegelijk vormt het een oproep om zelf steeds opnieuw de verwondering en toewijding op te zoeken. Op die manier vormen schrijvers als Bernard Dewulf een baken in onze leefwereld.
221 pagina's. Boek in uitstekende staat. Paperback.
ISBN 978 90 254 3943 9 Atlas Contact Amsterdam/Antwerpen 2012
Verzending met bpost vanaf 4,70 euro
Ophaling in regio Antwerpen
Zoekertjesnummer: m1471262772230sinds 20 okt. '19, 14:50
Populaire zoektermen
pantheon der literatuurbernard dewulfLiteratuurrussische literatuurhoren zien en schrijven in Schoolboekenkuifje zien en weten in Stripverhalenmag ik eens in je luier kijken in Kinderboeken | Baby's en Peutersluk dewulf in Economie, Management en Marketinglaat maar zien in Overige Boekendewulf in Psychologiebernard callens in Sportboekenbernard minier in Thrillersbernard prince in Stripverhalenmuziek zien in Overige Boekendaf oldtimer in Oldtimersblue blot in Cd's | Verzamelalbumsrolstoel onderdelen in Rolstoelenjudomat in Vechtsporten en Zelfverdedigingcall of duty cold war ps4 in Games | Sony PlayStation 4e46 coupe in BMWmiele c2 in Stofzuigerssteelcase in Blu-raystaande lamp antiek in Antiek | Verlichtingvuilniswagen in Vrachtwagens